Amigoe

gewoon veel RSS nieuws

Biologen ontdekken: het geheugen van de ene slak kun je inspuiten bij een andere slak

Als Harry Potter wilde weten wat er in de hoofden van zijn leermeesters omging, hielden zij hun toverstok tegen hun slaap en trokken ze een witte, ijle substantie naar buiten: hun herinneringen. Dat is geen magie meer. Amerikaanse biologen voerden dezelfde toverkunst uit bij slakken. Ze leerden sommige diertjes hoe ze zich moesten verdedigen, haalden wat materiaal uit hun zenuwcellen en brachten dat in bij ongetrainde slakken. Die wisten meteen wat ze te doen stond.

Lees verder na de advertentie

Al meer dan eeuw speuren neurowetenschappers naar het fysieke materiaal waarmee het brein zijn herinneringen boetseert. Zonder al te veel succes, en het idee werd overvleugeld door de theorie dat het geheugen zetelt in de netwerken die het brein aanlegt. De synapsen, om precies te zijn, de uiteinden van de zenuwcellen.

Maar een groep biologen van de universiteit van Los Angeles hield vast aan het geheugenstofje en komt nu met prikkelend bewijs. In het digitale vakblad eNeuro beschrijven ze deze week hoe ze een zeeslak, de Californische zeehaas, iets konden leren, simpelweg door de inhoud van zenuwcellen van slakken die echt iets hadden geleerd over te brengen.

Het was geen ingewikkelde taak, meer iets dat zeehazen in een reflex doen. Tik ze op hun staart, en ze vouwen de achterflappen van hun lijf en trekken het boeltje naar binnen. Een seconde hooguit, maar als je ze vaker pest, houden ze hun staart tientallen seconden ingetrokken.

Geheugenstof


Na een reeks zwakke stroomstootjes hadden de slakken het begrepen en wachtten ze een minuutje voordat ze weer ontspanden. Precies dat deden de ongeplaagde slakken ook, nadat ze wat ‘geheugenstof’ van de geprikkelde soortgenoten hadden gekregen.

Wellicht kan ooit met RNA iets worden gedaan aan ge­heu­gen­stoor­nis­sen als Alzheimer of PTSS

Maar wat is dat voor stofje? RNA, zeggen de biologen. Het molecuul is bekend om zijn rol van vertaler van de genetische code van DNA naar eiwitten, maar het reguleert bijvoorbeeld ook wanneer genen tot expressie komen. In het verleden is die laatste rol al eens in verband gebracht met geheugenopslag.

De biologen deden enkele tests voor hun stelling. Zo brachten ze RNA over van ongetrainde slakken; dat had geen effect. Ook zagen ze hoe het geheugen-RNA op een petri-schaaltje slakkenneuronen veranderde. Als ze die neuronen in een chemisch bad legden dat hun de boodschap gaf dat het onderlijf werd geprikkeld, begonnen ze meteen te vuren: intrekken die staart! Ook die reactie bleef bij ongetraind RNA uit.

“Als herinneringen in de synapsen zouden zijn opgeslagen”, zegt hoofdonderzoeker David Glanzman, “had ons experiment niets opgeleverd”. Hij vindt dat de wetenschap zich niet op die zenuwverbindingen moet blindstaren en meer energie moet steken in de rol van RNA. Want hij heeft nog geen idee hoe het geheugen wordt opgebouwd, wat het mechanisme is.

De onderzoekers benadrukken dat hun vondst niet alleen van belang is voor het debat over het slakkengeheugen. Hoewel de zeehaas slechts 20.000 neuronen heeft en een mens 100 miljard, zijn de cellen en de moleculaire processen vergelijkbaar. De biologen besluiten hun artikel dan ook met een vergezicht dat nu nog tovenarij lijkt: wellicht kan ooit met RNA iets worden gedaan aan geheugenstoornissen als Alzheimer of PTSS.